Liefde in drie letters

10 01 2012

Liefde kan soms kinderlijk eenvoudig zijn. Een openlijke liefdesverklaring die bestaat uit een 5,5 liter V8 met twinturbotechnologie, 407 pk, 607 Nm, een geniale achttrapsautomaat én die bezegeld wordt met een 650i badge, daar kan zelfs een gelukkige vrijgezel als ik niet aan weerstaan. Kom hier, BMW van mijn dromen.

De opmerkelijke lezer had het ongetwijfeld al opgemerkt: het is angstaanjagend lang geleden dat ik nog eens iets over auto’s heb neergepend. Ook ikzelf dacht even dat de vonk er niet meer was. Uitgeblust na een vier jaar durende overdosis, misschien. Tot ik vanmorgen oog in oog kwam te staan met de beroemde angel eyes van de nieuwe BMW 6. Klaar voor een stomende rit van Antwerpen naar Zellik waar ik tot op dit eigenste moment van mag nagenieten. Overmand door emoties, met meer dan 400 paarden onder een gaspedaal en een cockpit die zelfs de meest roekeloze brokkenpiloot tonnen vertrouwen inboezemt; het zijn niet bepaald de ideale omstandigheden om met een heerlijk grommende V8 de oprit van de A12 aan flarden te rijten en voor één keer het linkerrijvak te terroriseren. Ecologisch is het allemaal niet, maar Moeder Natuur zou hetzelfde gedaan hebben. Zeker weten.

Nu is de BMW 6 niet meteen moeders mooiste, hoe hard ze bij BMW ook geprobeerd hebben om hun ultieme GT de nodige flair te bezorgen. Vermits het speelgoedje nog altijd ongeveer 2 ton op de weegschaal zet, ziet hij er ook eerder uit als een dikke Boeing beter dan een afgetrainde straaljager. Hoewel dat overgewicht meesterlijk gecamoufleerd wordt door een briljant chassis (dat van de nieuwe 5-Reeks), en ook het geleverde vlieg- en stuntwerk doet anders vermoeden. Om nog te zwijgen van één van de beste motoren ooit gebouwd, die na iedere streling van het gaspedaal trakteert op een hemelse symfonie waarvan je het einde niet wil horen. Op voorwaarde dat de tankkaart bijgeleverd is, welteverstaan. Wat ik zou doen als ik 101.000 euro op een rekening had staan? Niet twijfelen.





Generatiekloof

26 05 2011

Ik herinner het me nog alsof het gisteren was. Net afgestudeerd, zo fier als een gieter poserend naast mijn allereerste ‘echte’ perswagen. Een azuurblauwe Audi A5 Coupé die ik met dank aan Autowereld een dikke week in mijn bezit heb gehad. Ik was meteen verkocht aan zijn bloedmooie lijn, de verfijnde loopcultuur van de 2.7 TDI, zijn boterzachte automaat, en de jaloerse blikken die ik in ontvangst mocht nemen wanneer ik als één van de eersten in ons land met de A5 Coupé over de Belgische wegen schreed.

Ondertussen schrijven we meer dan drie jaar later. De A5 Coupé kan zijn kraaiepootjes nauwelijks verbergen, en hoewel de liefde tussen ons beiden nog lang niet bekoeld is, is er iemand anders in het spel. Ze heet A7, is witheet, en de goesting druipt ervan af. De tand des tijds heeft zijn werk meer dan behoorlijk gedaan, want op drie jaar tijd is Audi erin geslaagd om de A5 Coupé bijna hopeloos verouderd te doen lijken. 204 pk, S-Tronic automaat, een alcantara interieur met elementen van geborsteld aluminium die de toon voeren, het ziet er allemaal nog een streep verfijnder uit dan bij de A5 die ik destijds mijn eeuwige liefde beloofde. But times, they are a-changing.





Viva Italia

6 05 2011

Italiaans design, het heeft me altijd al weten te raken. Ik zou de Italiaanse hostessen nog eens kunnen oprakelen, maar dit keer gaat het over anderssoortig speelgoed: de Lamborghini Aventador LP700-4, een spierwitte spierbundel die uitgedost is met het meest agressieve smoelwerk sinds Mike Tyson, maar dan wel één met een 6,5 liter-V12 in de neus.

Iedere Seat Ibiza-bestuurder - en zeker het soort met neonlampen en opzichtige spoilers - jaagt zichzelf er geheid mee over de kling binnen de 500 meter, iedereen die het rustig aan wil doen, staat er gegarandeerd binnen het uur mee in panne. Viva Italia:





Poco Balocco

4 05 2011

Aan de facelift van de Fiat Ducato was een erg aangename persreis gekoppeld die het Belgische schrijfvee dit keer naar Milaan loodste. Van daaruit werden we geheel onverwacht – misschien moet ik in het vervolg de uitnodigingen aandachtiger lezen – verdergeleid naar het Lago Maggiore, alwaar we de nacht mochten doorbrengen in bijzijn van een wel zeer bevallige Italiaanse hostess. Voor aandachtige lezers: inderdaad, alweer een zeer bevallige Italiaanse hostess. Ik lijk wel een zwak te hebben voor bevallige Italiaanse hostessen, al is het ene adjectief al belangrijker dan het andere.

Goed, we waren dus in Stresa, aan de oevers van het Lago Maggiore. Een zeer fijne streek, waar prachtige routes liggen die smeken om met een Lotus Elise of een Ford Focus RS verkend te worden. Doch Fiat had andere plannetjes gesmeed. We trokken naar Balocco, het grootste privécircuit ter wereld, met 45 kilometer aan testtrack, exclusief voor testwerk met de Fiatjes, Ferrari’s, en Maserati’s van morgen.

Balocco is één grote speeltuin voor een autofiel als ik. Het barst er van de gecamoufleerde prototypes die hun eerste testrondjes afleggen, het stikt er van de bevallige Italiaanse hostessen, en de 45 kilometer aan uitdagende slingerende baantjes doen ook wel hun duit in het zakje. Komt nog bij dat het voor één keer toegelaten is om alle snelheids- en verkeersregels vakkundig aan de laars te lappen en volledig los te gehen. En zo geschiedde.

We waren nog niet goed en wel aan onze testsessie begonnen, of een dolgedraaide Pool of Rus - hoe hou je zo’n mannen in godsnaam uit elkaar – had al een paaltje naast de piste weten omver te mikken. Ik had besloten om met de 150 pk-versie op trot te gaan, en merkte dus ook algauw op dat een andere Pool of Rus – ik hou ze nog steeds niet uit elkaar – zich op een slordige 2 centimeter van mijn achterbumper had genesteld met zijn 177 pk sterke exemplaar. Doch ik versaagde niet.

Met een welgemikte links-rechts-combinatie wist ik onze Kamerad uit mijn achterspiegel te rijden. Onze Oostblokker was er het hart van in, en trok spoorslags naar de lounge om zich verder te vergrijpen aan alles waar ook maar een beetje alcohol in zit. We schrijven vanochtend, omstreeks half 11. Polen of Russen, ‘t zijn best wel leuke knullen.





Fastest Fashion Show on Earth

29 04 2011

De vrienden van Fleet.TV kwamen begin deze maand met hun meest prestigieuze project ooit aanzetten. Het concept? De knapste modellen ter wereld. Knappe kontjes, wulpse rondingen, alles wat een man maar kan dromen. En als ik er zelf ééntje mag uitkiezen? De Lexus LF-A, graag. Of toch de blondine op 02m17s?

Toegegeven, het ziet er goed uit.





De eindspurt

4 04 2011

Het is bijna niet te geloven, maar volgende week heb ik verlof. Gezegend met dit vreemde doch aangename vooruitzicht, werk ik momenteel mijn laatste werkdagen af alvorens te proeven van een andere, betere wereld.

Als kers op de taart vertrek ik morgen voor een paar dagen naar Turijn, alwaar ik op uitnodiging van Mercedes hun 4×4′s de sporen zal geven. Er zijn slechtere manieren om een vakantie in te leiden. En toch. Naast het feit dat ik allicht geen glimp van de Champions League-wedstrijd van Barcelona zal weten op te vangen in Italië, is er nog het feit dat ik langer in treinstations, luchthavens en het zwerk vertoef dan dat ik ter plaatse ben.

Zelfs een tocht van 1000 mijl begint bij één enkele stap, zo luidt het Chinese spreekwoord. Onder ons gezegd en gezwegen: China is nu niet bepaald mijn droombestemming. Noch Japan, ook al zien de mensen er daar tegenwoordig geel en stralend uit. Mijn reis begint alleszins in het Mechelse station, alwaar ik – als alles goed gaat – met een kleine vertraging richting Brussel-Zuid spoor. Daar loop ik als een volleerde Usain Bolt - maar ik trek mijn spurtjes tenminste mét koffer - richting Thalys-perron om mijn aansluiting naar Parijs alsnog te halen. Anderhalf uur later sta ik in Parijs godbetert, alwaar ik mezelf een tot nader order onbekende weg moet banen om nog eens anderhalf uur later alweer op te stijgen vanop Charles De Gaulle. En ‘s anderendaags begint de klucht opnieuw, dit keer in omgekeerde volgorde.

Kortom: meer dan 12 uur in- en uitchecken, perronwissels detecteren en douanes zien te verschalken met mijn illegale voorraad ravioli. En dat allemaal om woensdagavond een Duitse persconferentie van een uurtje te kunnen meepikken, en om donderdag 3-4 uurtjes met wat Duits speelgoed te gaan rondhossen door veld en bos. Was ik maar werkloze geworden. Of nee, die hebben geen vakantie.





De juiste Focus

22 03 2011

Sinds gisteren ben ik de trotse bestuurder van de gloednieuwe Ford Focus. Mijn testexemplaar, met Duitse nummerplaten die er een pak gelikter uitzien dan de robijnrode Belgische nummerplaten die ondertussen meer weg hebben van een bankrekeningnummer, is door een ongelukje in de spuitcabine in de kleur ‘Mustard Yellow’ getooid. En hoewel ik hem in het begin spuuglelijk vond, begin ik hem meer en meer te appreciëren.

Uiteraard is de geraffineerde 2.0 TDCI met 163 pk daar niet helemaal vreemd aan. Ford is er bovendien opnieuw in geslaagd om de voortrein van de Focus messcherp af te stellen, zonder daarom in te boeten aan rijcomfort. De elektrische stuurbekrachtiging is voor één keer niet geheel gevoelloos, wat erop duidt dat Ford deze technologie al helemaal in de vingers heeft. Meer nog, de hele Focus bijt zich meteen vast in het asfalt, zelfs wanneer hij met een kordate snok in de bocht wordt gesmeten. Of zoals het bekende spreekwoord luidt dat ik nu ter plekke heb uitgevonden: het zijn de geelste kanaries die het best kunnen vliegen.





De allerslimste mens ter wereld…

26 12 2010

… weet dat de slee van de kerstman uitgerust is met winterbanden, maar ook dat je met 15 centimeter sneeuw op de baan je stalen ros beter op stal houdt. De allerslimste mens draagt tegenwoordig geitenwollen sokken, en weet dat het bijna onmogelijk is om in Gran Turismo 5 betere tijden te klokken… dan mezelf.

Weten is één ding, het gaspedaal vloeren iets helemaal anders. En zelfs de domste mens ter wereld – veronderstellend dat hij over een Playstation 3 beschikt, Gran Turismo 5 heeft gekocht én mijn statistieken kan bekijken via Playstation Network – weet dat ik momenteel de te kloppen man ben op het virtuele asfalt, zowat het enige asfalt dat momenteel berijdbaar is. In het kielzog blijven van mijn gloednieuwe tweedehandse Subaru Impreza WRX ’99 – grijs met gouden velgen (!) – is onbegonnen werk. Tenzij je Walter Rörhl heet, misschien. Opgepast: Het is in het Duits, het duurt 12 minuten, en het gaat over auto’s. Petrolheads only, dus…





Onder de gordel?

12 10 2010

Reclame moet af en toe een beetje stout zijn. Reclame moet provoceren, anders draait niemand er nog zijn hoofd voor om in een samenleving die aan elkaar hangt van marketingpraat en halve waarheden. Ook in autoland wordt er wel eens stoutmoedig tegen bepaalde heilige huisjes geschopt. Zelfs Das Haus moet eraan geloven:

Onder de gordel, of een ware verademing in ons grijze reclamelandschap? 1-0 voor BMW, as far as I’m concerned. En ze hebben nog gelijk ook.





Meer plat dan bruis

10 10 2010

Heden ten dage ben ik de trotse bestuurder van de nieuwe Chevrolet Spark. Dit kleinood moet de noodlijdende autobouwer naar rustigere wateren leiden en zelfs kopers afsnoepen van de gevestigde Europese waarden, maar met de indrukken die de Spark de voorbije vier dagen op mij heeft gemaakt, durf ik er mijn hand voor in het vuur steken dat er zelfs in ’s lands marginale driehoek nauwelijks Sparks in het straatbeeld zullen verschijnen.

Laten we beginnen met de weinig indrukwekkende cijfers: de Spark wordt aangedreven door een overjaarse 1.0 liter-benzinemotor, goed voor 68 steigerende paarden. Keerzijde van de medaille is dat die paarden klaarblijkelijk een flinke dosis morfine hebben gekregen, want de Spark rijdt als een grasmachine – Lieze maakt zelfs gewag van een kruimeldief, om maar te zeggen. Gevoelloos en steriel zijn de ordewoorden, voor rijbeleving – laat staan rijsensaties – moet je elders gaan shoppen.

Nu we toch over shoppen bezig zijn – want dat is uiteindelijk waar een stadskar annex winkelkar als de Spark voor dient – kunnen we niet rond de belachelijk minieme koffer heen. Die is a) alleen te openen via het sleutelgat, een systeem dat andere merken al 10 jaar afgezworen hebben en b) zelfs te klein om een fles ketchup in te krijgen. Chevrolet compenseert bij monde van een scherpe instapprijs van 6.750 euro, al kost mijn exemplaar (met elektrische bediening van de achterruiten en airco) al gauw 10.000 euro. Kortom: een afrader over de ganse lijn. Morgenochtend breng ik hem terug binnen, en daar zal niemand rouwig om zijn. Behalve de buren, die het wel konden smaken dat ik elke ochtend als een geslagen hond de straat uittufte  in mijn gemotoriseerd scharminkel. Besluit: met mijn reputatie gaat het dus ook de foute kant op. Voor de geïnteresseerden: schaamte op vier wielen ziet er ongeveer zo uit.





Speelstation 3: wishful thinking

4 10 2010

De Maserati Gran Turismo Stradale van Michel baant zich een weg door het pak en zoekt aansluiting bij de kleppers vooraan. Vlijtig op zoek naar eerherstel, nadat hij in de kwalificaties een barslechte prestatie had neergezet. Op kop van de hele kudde: de sneeuwwitte Porsche 918 Spyder van Diederick, die zich heer en meester waant op het spekgladde asfalt van Francorchamps. In zijn zog: 21 hongerige wolven, waaronder de ingedeukte Audi Quattro Concept van Ben en de hoogtoerige Lotus Elise van mezelf. We spreken eind 2010, we rijden Gran Turismo 5.

Me like. Jammer genoeg ontbeert het me nog aan een Playstation 3-room met een muurgrote HD-flatscreen, maar een mens moet kunnen dromen.





Lotus bakt ze bruin

27 08 2010

Verbazing alom bij autojournalisten wereldwijd, toen een interne mail van Lotus deze week ’per ongeluk’ in eenieders mailbox belandde. In de mail stond netjes beschreven welke premières de Britten aan het klaarstomen waren voor het salon van Parijs, welke andere projecten er nog in de pijplijn zitten (Evora S met automaat!), gevolgd door nog heel wat andere prietpraat, die het schrijvende pluimvee moest doen geloven dat dit ongewenste communiqué een grote scoop zou betekenen voor hun respectieve magazines.

Gewiekst als ik ben, had ik uiteraard meteen in de smiezen dat het om een flauwe marketingtruc ging. Zeker toen 10 minuten later een nogal gekunsteld paniekerig mailtje volgde om te vertellen dat deze mail nooit verstuurd had mogen worden en de informatie naderhand onder embargo stond. Toch waren tientallen van mijn concullega’s ermee weg, waardoor her en der de eerste gelekte informatie op de gevestigde autosites verscheen. Ben ik nu echt zo briljant, of is dit ronduit belachelijk:

Hi Kevin,

No problem and to be honest, it’s good that you ask – it’s crazy with everything that’s going on at the moment so I don’t blame you.

So to answer your questions, yes the Evora S and Evora Auto will be on the stand in Paris alongside the new car(s) not yet announced (let’s maintain the mystery for now!)

We are aiming to send out a press release about the Evora S and Evora Auto during the last week of this month. I’ve driven a prototype of both the Evora S and the Auto and I can tell you both cars are sensational. The S will be ready for media drives almost straight after Paris, in the US this will take place early next year. We have to be careful with the timing as we have so much going on and the impact from Paris will be big.

Just for you to know, and please keep this confidential, our test team will be putting both cars through their paces on the Nordschleife at the Nuerburgring from tomorrow on for three days, so we should have some good feedback to work with shortly.

With regards to exactly how many cars we will be revealing in Paris, that’s still TBC – Marketing is making final arrangements with the event agency to make best use of the 10,000ft² (960m²) stand space. I’ll keep you posted as soon as we have everything 100% confirmed.

If there’s anything else, just let me know.

Britse humor is geniaal, Britse auto’s vaak ook, maar Britse marketing? Neen dus.





Rock ‘n roll, pur et simple

2 07 2010

Werchter, 2/07/2010, 10 o’clock - Werchter slaapt zijn roes uit. Toch is er al veel volk op de been, vermits het in een tentje nauwelijks uit te houden is. De blakende zon accentueert de lamentabele toestand waarin vele lichamen zich nu reeds bevinden. Festivaldag 2 trekt zich langzaamaan op gang, de boxen doen hun stinkende best om hun bassen te doen doordringen tot in mijn interieur. Vergeefs.

Heden ten dage rijd ik met de beste auto ter wereld, rock ‘n roll in de ware zin van het woord. Die laat zich nu eenmaal niet uit zijn lood slaan door een meedogenloos brandende zon, filtert de oorverdovende bassen met sprekend gemak uit mijn cockpit, en imponeert de festivalgangers die op hun beurt stomverbaasd en stomdronken blijven staan om zich te vergapen aan wat ik tijdelijk ’mijn’ machine mag noemen. ”Kijk maar eens goed, makker”, denk ik bij mezelf wanneer ik een feestneus van bedenkelijk allooi naar mij zie staren. “Van 0 naar 100 in 6 seconden, daar kan uw gepimpte Golf 4 nog een puntje aan zuigen. En trek uw broek op, ik heb geen boodschap aan de kleur van uw boxershort.”

Ik zweef verder langsheen de Werchtersesteenweg. Iedereen verdrinkt in zijn zogeheten ‘angel eyes’, de vier daytime running lights die de Duitse neus sieren. In diezelfde neus: een zes-in-lijn die geraffineerder klinkt dan een concert van het Wiener Philharmoniker. De verslavende melodie die de dubbele uitlaat verlaat, smeekt om aanhoord te worden. Werchter zwicht, Werchter zwijgt. Hij degradeert Editors tot een bende koorknapen van het zevende knoopsgat, en ook de Lady Gaga’s van deze wereld smelten als sneeuw voor de zon in het licht des aanschijns van het beste dat de automobielindustrie ooit heeft voortgebracht.

Maandag ben ik hem kwijt. Dinsdag plunder ik mijn bankrekening. Woensdag sluit ik mijn bijkomende lening af. Donderdag sta ik in de showroom. Check.





De hond van Pavlov op vier wielen

18 06 2010

Gran Turismo, het is één van die termen die geen verdere introductie behoeft. De Japanse racesimulatie is sinds 1997 de natte droom van iedere gamer of auto-aficionado. En ik hoef dus ook niet te vertellen dat het bij mij twee keer bingo is.

Onlangs vond de zoveelste trailer van Gran Turismo 5, het spel waarvan de lancering al zo’n 6 à 7 keer is uitgesteld, zijn weg naar Youtube. De verwachtingen staan dus al jaren hooggespannen. Waarop de Japanners ons nog wat meer doen saliveren. Ziehier de nieuwe interpretatie van de hond van Pavlov: de auto’s van Kazunori Yamauchi, dé GT’er achter ontwikkelaar Polyphony Digital.

Voor wiens toetsenbord ondertussen ook al volgekwijld is: GT 5, vanaf 2 november 2010 (hopelijk) eindelijk verkrijgbaar, exclusief voor Playstation 3. In de wetenschap dat ik een week voordien 24 jaar word… bedankt.





Steve Sutcliffe over de slechtste chauffeurs ter wereld. Wij.

27 05 2010

Eindelijk nog eens een gelijkgestemde ziel die zijn mening durft te ventileren. Steve Sutcliffe van het Britse Autocar wijst de Belgen met de vinger als slechtste chauffeurs ter wereld, en ver daarbuiten. Geniet gerust mee.

Herkenbaar, pijnlijk en vooral problematisch voor een zeldzame goeie chauffeur als ik. Al denkt iedereen dat van zichzelf, daar ben ik me van bewust. De wortel van het probleem ligt daarmee meteen bloot. De doorsnee Belg is een omhooggevallen schlemiel in een Audi A6 of BMW 5 touring die het nodig acht om de haverklap iemand op te bellen tijdens zijn vier kilometer lange rit en een sigaret op te steken om zijn lederen interieur hopeloos om zeep te helpen, een optie die hem/haar (of beter: zijn/haar baas) enkele duizenden euro’s heeft gekost. Zolang hij/zij het verkeer maar niet in het oog moet houden, het verkeer past zich wel aan. En o ja: na dat lederen interieur was het budget op, dus een richtingaanwzijzer voor de rotondes kon er echt niet meer af.

Pet af voor de correcte zienswijze van onze Engelse vriend trouwens. Ik citeer: “Alternatively, Belgium could start its own car industry and make cars that are designed specifically to appeal to Belgians; ones with mattresses mounted on their front bumpers and huge ashtrays between their front seats? On second thoughts, maybe they should stick to making chocolate, and leave the tricky art of car making – and driving – to everyone else.”








Follow

Get every new post delivered to your Inbox.